Nederland gaat een koud winterweekend tegemoet. In de nachten vriest het in grote delen van het land, en in het noordoosten kan de temperatuur lokaal flink dalen. Door sneeuwresten en bevriezing kan het bovendien verraderlijk glad zijn, vooral in de vroege ochtend en later op de avond.
Met deze praktische stappen bereid je je goed voor op het winterweer, zodat je veilig de weg op kunt en thuis problemen voorkomt.
Onderweg: plan vooruit en houd rekening met gladheid
Moet je de weg op, vertrek dan op tijd en houd rekening met extra reistijd. Gladheid ontstaat vaak doordat natte stukken wegdek ’s nachts bevriezen. Dat is gevaarlijk, omdat je het niet altijd ziet. Pas je snelheid aan, houd ruim afstand en rem en stuur geleidelijk. Ook fietsers en voetgangers doen er verstandig aan het tempo te verlagen en waar mogelijk routes te kiezen die gestrooid zijn.
Ga je met de auto op pad, neem dan basiswinterspullen mee: een ijskrabber, ruitontdooier, een warme deken of extra jas en een goed opgeladen telefoon. Controleer of je ruitensproeiervloeistof geschikt is voor vorst en of je banden voldoende profiel hebben. Zorg ook dat je genoeg brandstof hebt (of voldoende acculading bij een elektrische auto), voor het geval je door files of omleidingen langer onderweg bent.
Thuis: voorkom bevriezing en beperk kans op schade
Bij stevige nachtvorst kunnen leidingen en buitenkranen gevoelig zijn voor bevriezing. Draai de buitenkraan dicht (als dat mogelijk is) en isoleer leidingen die in koude ruimtes of dicht bij buitenmuren lopen. In ruimtes die snel afkoelen, zoals een bijkeuken, garage of kelder, kan het helpen de temperatuur iets hoger te houden dan normaal. Zit de waterleiding in een keukenkastje, zet dat kastje dan tijdelijk op een kier zodat warmere lucht erbij kan.
Let ook op de directe omgeving van je huis. Kabels, verlengsnoeren en buitenapparatuur kunnen vastvriezen of glad worden. Maak looppaden vrij van sneeuw en strooi waar nodig, zodat je ’s ochtends niet onverwacht op een ijsplek stapt.
Gezondheid: kleed je warm aan en herken signalen van kou
Kou is niet alleen oncomfortabel, het kan ook risico’s geven — zeker bij wind, omdat de gevoelstemperatuur dan snel lager uitvalt dan de gemeten temperatuur. Kleed je in lagen: een warme onderlaag, een isolerende tussenlaag en een winddichte buitenlaag. Bescherm vooral handen, voeten, oren en gezicht. Blijf in beweging als je buiten bent, maar ga naar binnen als je merkt dat je te koud wordt.
Let op signalen van onderkoeling, zoals aanhoudend rillen, sufheid en trager reageren. Bij bevriezing kan de huid wit en gevoelloos worden, vooral aan vingers en tenen. Ouderen, jonge kinderen en mensen met hart- of longaandoeningen zijn extra kwetsbaar: kijk even om naar familie of buren en check of zij het warm genoeg hebben.
Tot slot: blijf ook richting maandag alert. Als zachtere lucht binnenkomt terwijl de bodem nog koud is, kan gladheid opnieuw toenemen door natte sneeuw of plaatselijk ijzel. Volg daarom het weerbericht en eventuele waarschuwingen, vooral als je vroeg op pad moet.
Reageren