De eerste signalen richting het Formule 1-seizoen van 2026 zorgen voor discussie in de paddock. Mercedes eindigde de eerste testweek in Bahrein opvallend sterk op de tijdenlijst, maar binnen het team klinkt nog altijd terughoudendheid. George Russell temperde de verwachtingen en wees, net als teambaas Toto Wolff, vooral naar Red Bull als referentie.
Tegelijkertijd groeit bij concurrenten het gevoel dat Mercedes nog niet alles prijsgeeft. Max Verstappen reageerde eerder al sceptisch op het idee dat Red Bull de uitgesproken favoriet zou zijn en riep dat men “maar moet wachten tot Melbourne” om te zien wat Mercedes werkelijk kan. Nu sluit Ferrari-coureur Charles Leclerc zich daarbij aan: volgens hem houdt Mercedes “veel meer achter” dan het nu laat zien.
Testweek Bahrein zet verhoudingen op scherp
De achtergrond is duidelijk: in de wintertests probeert niemand zijn kaarten volledig op tafel te leggen. Wolff gooide eerder de knuppel in het hoenderhok door Red Bull nadrukkelijk naar voren te schuiven als grote favoriet. Verstappen ging daar niet in mee en stelde dat zulke uitspraken vaak onderdeel zijn van het bekende psychologische spel richting de eerste race.
Russell wilde op zijn beurt niet meegaan in Verstappens suggestie dat Mercedes straks ineens dominant zal zijn zodra de motor volledig open mag. De Brit noemde de test in Bahrein juist een realitycheck en benadrukte dat Red Bull op dit moment indruk maakt, met name door de manier waarop het team energie inzet op de rechte stukken.
Waarom ‘echte’ snelheid zo moeilijk te lezen is
Leclerc legde uit waarom het dit jaar extra lastig is om conclusies te trekken. Door de nieuwe techniek en de manier waarop teams met de elektrische kant van de aandrijving kunnen spelen, zijn er volgens hem veel kleine knoppen waaraan gedraaid kan worden. Dat maakt het relatief eenvoudig om het werkelijke potentieel te maskeren, bijvoorbeeld met instellingen, afstellingen of het moment waarop je de beschikbare energie aanspreekt.
Daarom wil de Monegask niet doen alsof hij precies weet waar iedereen staat. Wel is hij tevreden over het verloop van Ferrari’s programma: volgens Leclerc kon het team zijn runs afwerken zonder noemenswaardige betrouwbaarheidsproblemen, wat hij ziet als een solide basis om op door te bouwen.
Leclerc: Red Bull sterk, maar Mercedes houdt meer achter
Als het gaat om een voorlopige rangorde durft Leclerc voorzichtig een inschatting te geven. Red Bull maakte volgens hem vanaf het begin van de test een sterke indruk, vooral op het gebied van de power unit. Mercedes liet ook momenten zien die hem opvielen, maar juist daardoor denkt hij dat het team nog lang niet alles laat zien. In zijn woorden komt het erop neer dat Mercedes waarschijnlijk nog vóór Ferrari zit, al zou het verschil “voorlopig niet heel groot” lijken.
Opvallend is dat die uitspraak haaks staat op het beeld dat Mercedes zelf graag neerzet. Russell wijst er juist op dat Red Bull er in deze fase beter voorstaat dan ieder ander team en dat het gat in energie-inzet per ronde aanzienlijk kan zijn. Dat maakt de situatie interessant: Mercedes is snel genoeg om de buitenwereld te laten twijfelen, maar blijft tegelijkertijd benadrukken dat het nog werk te doen heeft richting de seizoensstart.
Wat we wél zeker weten richting Australië
De waarheid zal pas echt zichtbaar worden zodra er om punten wordt gereden. De eerste Grand Prix van 2026 staat gepland in Australië op 8 maart. Tot die tijd blijft het bij interpretaties, quotes en verborgen marges — precies het soort mist waarin wintertests elk jaar weer gedijen.
Reageren